Veldhistorie

Waar komt je veld vandaan?

In februari zetten we het rentmeestersveld in de spotlights.


Het Musketiersveld (nr. 4)

Het musketiersveld ontleent zijn naam aan 16e en 17e eeuwse soldaten die waren uitgerust met een musket. Een musket is een lang geweer dat aan de zijde van de loopuitmonding moest worden voorzien van buskruit en een kogel. Met een lange laadstok werd het geheel aangestampt. Na dat de trekker werd overgehaald bracht een lont of vuursteen de buskruit tot ontploffing en werd de ronde loden kogel afgevuurd. Het laden van een musket kostte de musketier vrij veel tijd, tijd waarin hij als soldaat kwetsbaar was voor cavaleristen van de tegenpartij. Daarom trokken piekeniers (lansdragers) en musketiers veelal samen op.

Musketiers goten zelf hun loden kogels. Deze maakten ze iets kleiner dan de loopdoorsnede. Daardoor ging het laden makkelijker maar nam de nauwkeurigheid af. Omdat het wapen zo’n lange loop had was het zwaar en de musketiers maakten dan ook dankbaar gebruik van een steunstok.

Na 1680 ongeveer had het musket zijn langste tijd gehad en werden musketten vervangen door zgn. snaphanen. Een kleinere en lichtere uitvoering van het musket.

De musketiers zijn het meest bekend door de roman van de Franse schrijver Alexander Dumas. Zijn boek “de 3 musketiers” is meerdere keren verfilmd. In de roman en in de films wordt er veel geschermd en weinig geschoten met musketten. Musketiers waren voor hun persoonlijke veiligheid ook uitgerust met een degen of sabel.

Bron: Wikipedia,

Het laden en afschieten van een musket filmpje (youtube)


Het Lansiersveld (nr. 3)

Het lansiersveld tussen Musketiersveld en landdrostlaan wordt nogal eens als sluiproute gebruikt. Althans door mij wel. Op voorhand mijn excuses daarvoor.

Maar de naam Lansiersveld is afkomstig van een regiment cavaleristen dat was uitgerust met een lans. Naast de lans gebruikte de lansiers ook sabels en pistolen. Deze cavaleristen werden vaak ingezet bij snelle aanvalsacties om linies van de vijand te doorbreken.

Oorspronkelijk waren lansiers Poolse en Russische cavaleristen maar Napoleon Bonaparte zag hun waarde ook in en had ook verschillende regimenten lansiers in zijn leger opgenomen.

Door de toename van de artillerie die de cavaleristen al vanaf geruime afstand uit het zadel schoten, kregen paarden steeds minder betekenis als aanvalswapen.

Tegenwoordig is het regiment lansiers nog van historische betekenis in België en Frankrijk (naspelen van de slag bij Waterloo in welke oorlog onze koning Willem II een glorieuze rol had (1815)). In Nederland heeft het onderdeel lansiers niet die betekenis gehad die het in het Napoleons leger. Alle cavaleristen gebruiken heden ten dage geen paarden meer maar gepantserde voertuigen en tanks.

Voor een sfeer impressie “Lansiers in actie” => hier

Bron:     wikipedia

www.bokt.nl

https://historiek.net/mans-en-garde-napoleons-cavalerie/50970/


 

Het Schoutenveld (nr. 2)

De naam het schoutenveld heeft te maken met de middeleeuwse Schout.

De naam “Schout” is al eeuwen oud en is een verbastering van opeenvolgende namen/titels:

Het Middelnederlandse scouthete en het Oudnederfrankische skolthēti, en nog eerder het Oergermaans skuldi-haitijō en in het latijn scultetus, verwijzen allemaal naar de functie van Schout.

Al deze benamingen hebben de betekenis van: hij die het bevel geeft tot het verlenen van verplichte diensten. Anders gezegd. De schout oefende namens een gezagsdrager (de landheer) het gezag uit over een stad of een gebied. Hij zag er dus op toe dat de “Poorters” volgens de wet leefden.

In onze cultuur zou hij gezien worden als de openbare aanklager en hoofd van politie. Ook zat hij de rechtbank (schepenenbank) voor maar sprak zelf geen recht. Dat deden de schepenen.

Zijn helpers, schepenen en rakkers bespreek ik later omdat we daar ook velden van hebben, maar het geeft even aan dat hij het niet alleen hoefde te doen.

Dat ik telkens hij zegt, betekent dat het geen functie voor een vrouw was.

De schout en zijn rakkers (schoolplaat van Ising)

En het rechtspraak gedeelte dat de schout was toegedicht was nogal wreed. Om kosten voor de stad te sparen werden straffen veelal in het fysieke getrokken. Celstraf kostte geld, aan bewaking en voeding. Dus een lijfstraf aan de door de schepenen veroordeelde, was een stuk goedkoper. De schandpaal was een sociale straf bij lichte vergrijpen. Radbraken, afhakken van arm of been, of verhanging, waren in die tijd effectievere middelen bij de zwaardere straffen. Vanwege de medische voorzieningen was het één niet veel erger dan het andere en leidde het veelal tot de dood.

Aan het eind van de 18e eeuw veranderde de functie van Schout. Onder het Franse gezag van Koning Lodewijk Napoleon wijzigde de rechtspraak in Nederland in een nationale variant en werd bestuur en rechtspraak uiteen gehaald.. De Schout kreeg meer een burgemeesters functie of nog wat later in ons natte Nederland werd het de nu nog bestaande functie van Dijkgraaf. Verantwoordelijk voor een waterschap.

Bron: Wikipedia, Wikiwijs, Ensie


Waar komt je veld vandaan?

Hallo allemaal. Eerst wil ik me even voorstellen. Ik ben Gerrit uit den Bogaard en woon aan het Poortersveld. Ik ben uw nieuwe webmaster die het sitegedeelte van de velden beheert.

In onze wijk vinden we veel straten met een naam die is ontleend aan oude beroepen of begrippen.

In de komende maanden wil ik per maand er een straat uit lichten en de herkomst van de straatnaam bekijken.

Uiteraard begin ik dan met de straatnamen in de velden en deze eerste editie gaat over mijn eigen straat, het Poortersveld.

Mocht u vanuit uw historisch besef aanvullingen hebben dat houd ik me aanbevolen want ik maak een verhaal maar dat is vaak verre van compleet. Dus uw inbreng is meer dan welkom.

Voor nu is het dus het “Poortersveld”. (nr. 1)

Herkomst
Het begrip Poorters is afkomstig van ‘Portus’ de Latijnse benaming van de bewoners van een handelsnederzetting in de nabijheid van een ‘Burgus’ (burcht), een stad, waar burgers woonden. In latere tijd werden ‘Portus’ => Poorters na voldaan te hebben aan een aantal plichten.

Middeleeuwen
Poorters waren burgers die in de middeleeuwen via een registratie bij de magister van de stad als inwoners werden beschouwd. Zij hadden het recht verworven om zich burger van die stad te mogen noemen. De registratie kostte geld en om Poorter te worden moest je dan ook niet onbemiddeld zijn (handelaar ..ambachtsman).
Als stadsbewoner werd je als volwaardig burger beschouwd als je belasting betaalde. Je genoot dan de rechten die de stad bood . Je was een gerespecteerd persoon.
Om Poorter te worden moest je niet alleen een flink bedrag  betalen, maar ook een eed afleggen waarin je bevestigde dat je trouw zou zijn aan de stad. De tegenprestatie was dat je een geziene burger van de stad werd  en van de bescherming van de stadsmuren gebruik mocht maken. Op een gegeven moment werd Poorter de benaming van burgers van een stad.

De regels die een stad stelde om Poorters toe te laten waren divers. Soms financieel maar ook wel religieus. Zo mochten joden tot 1794 geen Poorters worden (begin van de Bataafse republiek)

Ten tijde van het bewind van Lodewijk Napoleon verdween het begrip Poorters uit de Nederlandse cultuur.

Om er even een persoonlijke noot aan toe te voegen. Voel me volop burger van Apeldoorn ondanks het feit dat we nooit een stad zijn geweest en geen stadsmuren hebben waarachter ik me veilig kan verschuilen in het Poortersveld. (10-2018)